kennelsyndroom

Kennelsyndroom is de benaming voor honden die niet of zeer slecht gesocialiseerd zijn. Deze honden kunnen nauwelijks een normaal leven leiden. Ze zijn bang voor alles omdat ze als pup te weinig prikkels hebben gehad.

Socialisatie

kennelsyndroom

Liefdevolle kennismaking met mensen is een noodzakelijk onderdeel van een goede socialisatie.

De socialisatie is een fase waarin een pup leert om te gaan met prikkels in onze maatschappij. Om te beginnen de omgang met mensen. Deze fase is relatief kort: slechts enkele weken. De socialisatie begint bij de fokker. Deze heeft daardoor een grote verantwoordelijkheid.

Wanneer een pup op de leeftijd van 7/8 weken naar de nieuwe eigenaar gaat, behoort hij open in het leven te staan. Op die leeftijd namelijk kan hij het beste omgaan met de verandering. Zijn moeder neemt wat meer afstand en vindt het prima als hij het nest verlaat.

De socialisatieperiode is daarmee niet afgelopen. Maar de eerste weken zijn wel bepalend voor de rest van zijn leven. Dat wil niet zeggen dat als hij nog nooit een auto heeft gezien, hij daar niet aan kan wennen. Het gaat minder om de soort prikkel. Meer om het feit dat hij prikkels ontvangt.

Kennelsyndroom

kennelsyndroom

Boerderijhondje?

Het kennelsyndroom houdt in dat een hond niets tot weinig meegemaakt heeft gedurende de eerste weken van zijn leven. Of dusdanig eenvoudige, negatieve prikkels dat hij niet of nauwelijks om kan gaan met nieuwe of veranderende situaties.

Denk aan laboratoriumhonden. Er zijn goede resultaten bekend van deze honden die uiteindelijk kunnen wennen aan een leven in een gezin. Maar er zijn ook hele trieste gevallen bekend. Niet elke hond ontwikkelt een kennelsyndroom. Dit is ras- en individu-afhankelijk.

Het is een foutieve aanname dat honden die op een boerderij in een schuur geboren worden, kennelsyndroom zouden ontwikkelen. Misschien maakten de pups nog nooit kennis met een stofzuiger of televisie. Dat betekent nog niet dat ze prikkelarm opgroeien. Veel boerderijhonden zijn uitstekend gesocialiseerd met andere (boerderij)dieren.

Omgaan met kennelsyndroom

De kans op succes bij het adopteren van een hond met kennelsyndroom is nagenoeg nul. Die zo belangrijke eerste socialisatiefase kan nooit meer overgedaan worden. Honden kunnen in bepaalde gevallen wennen aan situaties of wellicht aan een persoon maar dat houdt nog niet in dat de hond een waardig leven kan leiden.

Er zit zoveel angst in deze honden dat herstel vaak niet meer mogelijk is. Het herkennen van kennelsyndroom is niet altijd makkelijk. De diagnose kan dan ook het beste gesteld worden door een deskundige. Een hondengedragstherapeut bijvoorbeeld. Een hond die angstig is, lijdt niet per definitie aan het kennelsyndroom.

Een angstige hond kan best goed gesocialiseerd zijn maar door een traumatische ervaring bang zijn geworden van een bepaalde prikkel. Het kan zijn dat een klein kind ooit over zijn staart heeft gereden met een fietsje. Hij is dan gevoelig op zijn staart en kan bij aanraking angstig reageren. Een hond met kennelsyndroom reageert op bijna elke prikkel met angst. Verstarring of agressie.

0 Reacties

Geef een antwoord

Login met je gegevens

Je gegevens vergeten?

Spring naar toolbar